|
De
Auteurswet biedt bescherming aan de makers van werken van letterkunde,
wetenschap of kunst. De literaire of wetenschappelijke waarde of de
kunstzinnigheid van het werk doen in het auteursrecht niet terzake. Om voor
bescherming in aanmerking te komen, worden maar twee eisen aan het werk
gesteld:
• het werk moet origineel zijn; de hand van de maker moet er in herkenbaar
zijn
• het werk moet zintuiglijk waarneembaar zijn, dus te zien, te lezen
• of te horen
Ideeën, methoden, theorieën, thema's of andere bedenksels vallen daarom
niet onder het auteursrecht. Is een idee uitgewerkt in een schriftelijk
stuk, dan is die tekst beschermd, maar het idee zelf niet.
Auteursrecht omvat onder meer romans, brieven en opstellen, maar ook
telefoongidsen, slagzinnen, notulen, muzikale composities, toneelwerken,
films, computersoftware, bouwtekeningen, lettertypen en foto's.
Het auteursrecht bepaalt wie een werk mag openbaarmaken en vermenigvuldigen
en beschermt de auteur tegen verminking van zijn werk.
Terug
naar boven
In
Nederland en veel andere landen ontstaat het auteursrecht automatisch zodra
het werk is gecreëerd. U hoeft het niet te registreren en hoeft niet te
vermelden dat het auteursrecht is voorbehouden.
Door middel van het ©-teken, met daarachter uw naam en het jaartal van
publicatie, kunt u aangeven dat u het auteursrecht op een bepaald werk
claimt. Het duidt niet op registratie bij een bepaalde instantie.
Wie heeft het auteursrecht?
De Auteurswet wijst de maker van het werk als rechthebbende aan. Dit is de
natuurlijke persoon die het werk feitelijk heeft gemaakt. Zijn er meer
natuurlijke personen die aan een werk hebben gewerkt, zonder dat hun
bijdragen van elkaar te scheiden zijn, dan hebben e makers een gezamenlijk
auteursrecht.
Soms kent de Auteurswet het auteursrecht toe aan een ander dan degene die
het werk heeft gemaakt, bijvoorbeeld:
• De werkgever, als een werknemer een werk heeft gemaakt in het kader van
zijn arbeidsovereenkomst. Hetzelfde geldt voor werk dat tot stand komt onder
leiding en toezicht van een ander.
• Een rechtspersoon, als die naar buiten treedt met een werk.
Neemt iemand een incidentele opdracht aan om een werk te maken, zonder dat
van een dienstverband gesproken kan worden, dan komt het auteursrecht in
eerste instantie toe aan de feitelijke maker.
Voorkomen van geschillen.
Het kan gebeuren dat u een geschil krijgt met een andere partij, die net als
u beweert maker te zijn van een bepaald werk. Het is dan zaak te bewijzen
dat u als eerste het betreffende werk heeft gemaakt.
Het is daarom nuttig vast te leggen wanneer een bepaald werk is ontstaan.
Dat kan op alle denkbare manieren. Bijvoorbeeld door het betreffende werk te
laten registreren en van een dagstempel te laten voorzien bij de afdeling
Dienst Registratie en Successie van de Belastingdienst. Ook kunt u eenvoudig
de creatiedatum vastleggen met de i-depot enveloppe van het Benelux Bureau
voor Tekeningen of Modellen. Hier zijn wel (geringe) kosten aan verbonden.
Terug
naar boven
Als
rechthebbende kunt u optreden tegen inbreuk. Hiervan is sprake als een
jonger werk ontleend is aan een ouder werk. Iemand mag zich wel laten
inspireren door het oudere werk, maar mag geen auteursrechtelijk beschermde
elementen overnemen. Het enkele feit dat werken op elkaar lijken, hoeft nog
niet te betekenen dat er sprake is van inbreuk op het auteursrecht. Het is
mogelijk dat een gelijkend werk op eigen kracht wordt bedacht en dus naast
het oudere werk kan bestaan. Pas wanneer er is nagebootst met gebruik van
een ander werk, kan er sprake zijn van inbreuk op het auteursrecht. Een
bewerking of nabootsing in gewijzigde vorm van een bestaand werk kan echter
een nieuw werk opleveren als hieraan een eigen, originele bijdrage is
geleverd. Dan is er geen inbreuk op het werk dat als voorbeeld heeft
gediend. Bij de beoordeling of er sprake is van auteursrechtinbreuk gaat het
dan ook altijd om een totaalindruk van de te vergelijken werken. De
bewijslast ligt bij de rechthebbende van het jongere werk. Die moet kunnen
aantonen dat er niets is ontleend aan het oudere werk. In de praktijk is dit
moeilijk te bewijzen.
Terug
naar boven
Het
auteursrecht is het exclusieve recht van de auteursrechthebbende om dat werk
openbaar te maken en te verveelvoudigen.
• Verveelvoudigen is in eerste instantie het maken van identieke
exemplaren van een werk. Dat kan bijvoorbeeld door
• reproduceren, overschrijven, fotokopiëren, afdrukken, opslaan in
databanken, op band opnemen, etc. Daarnaast
• verstaat de Auteurswet onder verveelvoudiging het maken van een
bewerking van een werk. Bijvoorbeeld het vertalen of
• het verfilmen van een boek. In het algemeen valt iedere gehele of
gedeeltelijke bewerking of nabootsing van een werk in
• gewijzigde vorm onder verveelvoudiging.
• Bij openbaar maken gaat het om het beschikbaar stellen van het werk aan
het publiek. Zo zijn bijvoorbeeld het uitzenden,
• tentoonstellen, opvoeren, vertonen, in druk laten verschijnen en het
verkopen van het werk vormen van openbaarmaking.
De rechten kunnen door de auteursrechthebbende worden geëxploiteerd, maar
ook door anderen, bijvoorbeeld tegen een vergoeding. Omdat het voor veel
auteursrechthebbenden ondoenlijk is om zelf toezicht te houden op de
exploitatie zijn er collectieve auteursrechtbureaus in het leven geroepen
zoals BUMA/ STEMRA.
Terug
naar boven
Naast
exploitatierechten heeft de maker van een werk persoonlijkheidsrechten. Dit
zijn rechten die direct aan de maker zijn verbonden. In dit geval is de
maker altijd de natuurlijke persoon die het betreffende werk heeft gemaakt.
De rechten zijn niet overdraagbaar en blijven daarom altijd bij de maker.
Alleen wanneer de maker de uitoefening van deze rechten uitdrukkelijk bij
testament aan iemand anders heeft overgedragen, blijven deze rechten ook na
zijn dood bestaan. Door deze rechten kan de maker zich verzetten tegen
wijziging of verminking van het werk.
Terug
naar boven
Het
auteursrecht eindigt na 70 jaar. Hierbij moet worden gerekend vanaf de
eerste januari volgend op het jaar waarop de maker van het werk is
overleden. Het auteursrecht op een boek dat geschreven is in 2002 door
iemand die overlijdt in 2020, vervalt dan dus eind 2090. Werk waarvan de
auteursrechten toebehoren aan een rechtspersoon (die wellicht nooit zal
"sterven"), dan is de termijn van bescherming 70 jaar vanaf de
eerste openbaarmaking van het betreffende werk. Door deze bepalingen over de
duur van het auteursrecht komt het vaak voor dat het recht wordt geërfd.
Overlijdt de auteursrechthebbende, dan erven de wettelijke of testamentaire
erfgenamen automatisch het auteursrecht. Uitputting van het auteursrecht
Wanneer exemplaren van uw werk eenmaal met uw toestemming op de markt zijn
gebracht, dan mogen die exemplaren verder worden verhandeld zonder uw
toestemming. Uw auteursrecht met betrekking tot die exemplaren is dan
wereldwijd "uitgeput". Deze uitputting van het auteursrecht heeft
alleen betrekking op rechtmatig in het verkeer gebrachte exemplaren van een
werk. Een nieuwe bewerking of een vertaling van het werk valt hier niet
onder. Bovendien geldt de uitputting uitsluitend ten aanzien van de
openbaarmaking. Het verveelvoudigingsrecht, dus het recht om bijvoorbeeld
extra exemplaren van een boek te drukken, raakt nooit uitgeput. De enige
uitzondering op deze regel is computersoftware. Ten aanzien van deze
producten heeft de rechter op grond van een Europese richtlijn bepaald dat
de uitputting slechts de Europese Economische Ruimte (de EU plus Noorwegen
en IJsland) betreft.
Terug
naar boven
In
een aantal gevallen mag u een werk zonder voorafgaande toestemming openbaar
maken of vermenigvuldigen:
• Voor het eigen gebruik mag een kopie van bijvoorbeeld een boek worden
gemaakt, zolang u op een rechtmatige manier aan dit boek bent gekomen.
• Er mag uit een boek worden geciteerd wanneer dat bijvoorbeeld in een
krant wordt besproken.
• Door de overheid gesubsidieerde of niet-commerciële
onderwijsinstellingen mogen voor hun leerlingen of studenten kopieën
(laten) maken van auteursrechtelijk beschermde werken, zoals boeken of
tijdschriften. Voorwaarde is dat die kopieën bedoeld zijn als noodzakelijke
aanvulling van de per vak voorgeschreven of aanbevolen leerboeken. De kopieën
mogen de leerboeken dus niet vervangen. Voor het kopiëren moet door de
onderwijsinstellingen een bepaald bedrag per pagina worden betaald aan de
Stichting Reprorecht.
• Ondernemingen, organisaties of instellingen kunnen kopieën laten maken
voor hun personeel. Zij moeten hiervoor een vergoeding betalen aan de
Stichting Reprorecht. Het kopiëren mag alleen indien het dag-, nieuws- of
weekbladen betreft, in tijdschrift verschenen artikelen en berichten of een
klein stuk uit boeken, brochures en dergelijke.
Terug
naar boven
Het
portretrecht is een bijzondere beperking van het auteursrecht. Het geeft
geportretteerde personen onder bepaalde voorwaarden het recht zich te
verzetten tegen publicatie van hun portret. De fotograaf heeft het
auteursrecht op de door hem gemaakte foto van een persoon, maar mag deze
foto niet in alle gevallen publiceren. Bij een portret gaat het altijd om
een afbeelding. Een beschrijving van iemands uiterlijk in woorden valt er
niet onder. Er wordt onderscheid gemaakt tussen een portret gemaakt in
opdracht van de geportretteerde en een portret niet gemaakt in opdracht van
de geportretteerde. Is er sprake van een opdracht, dan heeft de
geportretteerde sowieso het recht zelf het portret te verveelvoudigen en mag
openbaarmaking alleen plaatsvinden met toestemming van de geportretteerde.
Het portretrecht blijft tot tien jaar na de dood van de geportretteerde in
stand. Het is alleen uit te oefenen door de directe rechthebbenden. Als het
een afbeelding is met daarop meerdere personen, dan is voor openbaarmaking
van die afbeelding toestemming nodig van al die personen. Is er geen sprake
van een opdracht, dan kan de geportretteerde zich alleen tegen
openbaarmaking verzetten als hij daarbij een redelijk belang heeft.
Bijvoorbeeld uit privacyoverwegingen of het belang om niet publiekelijk
belachelijk gemaakt te worden. Hierbij wordt afgewogen welk belang zwaarder
weegt: het recht op privacy of het recht op vrije meningsuiting. Ook
commerciële belangen tellen mee. Het is bijvoorbeeld niet toegestaan om het
portret van een bekende persoonlijkheid te gebruiken voor reclame als
hiervoor geen toestemming is gegeven.
Terug
naar boven
U
kunt uw exploitatierechten aan anderen overdragen of in gebruik geven. Dit
kan niet ten aanzien van de persoonlijkheidsrechten De overdracht van
auteursrecht kan alleen door middel van een schriftelijke overeenkomst. In
die overeenkomst moet het woord "overdracht" en de aanvaarding
daarvan bij voorkeur letterlijk worden opgenomen. Bij de overdracht kunt u
uw auteursrecht splitsen, door bijvoorbeeld alleen het auteursrecht op de
verfilming van uw werk of het recht op de publicatie van uw werk in een
andere taal over te dragen. In dat geval behoudt u de overige rechten. Na
overdracht van het gehele of gedeeltelijke auteursrecht heeft u zelf geen
zeggenschap meer over het deel dat u heeft overgedragen. Wilt u die
zeggenschap behouden, dan kunt u iemand een (beperkt) gebruiksrecht geven
voor een bepaald doel. Dit heet een licentie. U geeft dan toestemming voor
bepaalde exploitatiehandelingen. Voor alle andere handelingen blijft uw
toestemming nodig. Het is niet verplicht de licentie op schrift te stellen,
maar vanwege het bewijsgemak is dat wel aan te bevelen.
Terug
naar boven
Sinds
11 maart 1996 bestaat er een Europese richtlijn die de bescherming van
databanken regelt. Als gevolg van deze richtlijn is op 21 juli 1999 de
Databankwet in werking getreden.
Volgens deze wet is een databank een compilatiewerk dat onafhankelijk van de
drager (papier, cd-rom, harde schijf, etc.) bestaat en op allerlei manieren
(met de hand, met een cd-speler, via een computernetwerk, etc.) kan worden
geraadpleegd. De definitie van een databank is niet beperkt tot
elektronische databanken. De bescherming is echter beperkt tot de
rangschikking van het materiaal in de database en niet op de inhoud zelf.
De bescherming is tweeledig:
• databanken die voldoen aan de eisen die het auteursrecht stelt, zijn
door het auteursrecht beschermd.
• de richtlijn geeft aan producenten van databanken een aparte bescherming
om te voorkomen dat een ander zich de resultaten toeeigent van hun
investeringen in de databank. De producent van een databank moet zijn
investering kunnen terugverdienen. Hij krijgt de mogelijkheid op te treden
tegen het geheel of gedeeltelijk leeghalen van de door hem ontwikkelde
databank. Daarbij mag de producent echter geen misbruik maken de
machtspositie die hij door dit recht krijgt. Of daarvan sprake is, moet van
geval tot geval door de rechter worden beoordeeld.
Terug
naar boven
|
Als
u een boek heeft geschreven of een kunstwerk heeft gemaakt, zult u het
niet op prijs stellen als een ander zonder uw toestemming uw werk namaakt.
Het is immers uw prestatie en bovendien heeft het u inspanning, tijd en
geld gekost. Bescherming van het recht op uw prestatie, uw auteursrecht,
is daarom van groot belang.
Wat is auteursrecht?
Hoe
verkrijgt u het auteursrecht?
Inbreuk
op het auteursrecht
Exploitatierechten
Persoonlijkheidsrechten
Wanneer
vervalt het auteursrecht?
Beperkingen
van het auteursrecht
Portretrecht
Overdracht
en licentie
Bescherming
van databanken
|